Welkom 
 

Redenen voor een scheiding: emotionele leegte

Een huwelijk kan aan de buitenkant nog bestaan, terwijl het vanbinnen al leeg is geworden.
Er wordt nog samen gegeten. Er worden nog boodschappen gedaan. De kinderen worden nog naar school gebracht. De rekeningen worden betaald. Er wordt nog gevraagd hoe laat iemand thuis is. Er worden misschien nog verjaardagen gevierd, vakanties geboekt en praktische afspraken gemaakt.
Voor de buitenwereld lijkt het gezin misschien nog overeind te staan.
Maar binnenin kan één van de partners zich al lange tijd alleen voelen.
Niet alleen in huis.
Maar alleen in de relatie.
Dat is emotionele leegte.
Wat betekent emotionele leegte?
Emotionele leegte betekent dat iemand in de relatie niet meer werkelijk gevoed wordt door verbinding, erkenning, nabijheid, aandacht, intimiteit of wederkerigheid.
Het is niet hetzelfde als een keer een moeilijke periode hebben. Het is ook niet hetzelfde als even minder verliefd zijn. Iedere relatie kent fases van drukte, vermoeidheid, afstand of stress.
Emotionele leegte gaat dieper.
Het is het gevoel dat je wel samen bent, maar elkaar niet meer echt bereikt.
Het is thuiskomen bij iemand, maar je niet thuis voelen.
Het is naast iemand liggen, maar je innerlijk alleen voelen.
Het is praten over de kinderen, geld, werk en planning, maar niet meer over wat je voelt, mist, vreest of verlangt.
Emotionele leegte kan voelen als een stille kamer in jezelf waar niemand meer binnenkomt.
De relatie is er nog.
Maar de emotionele voeding is weg.
Hoe emotionele leegte ontstaat
Emotionele leegte ontstaat meestal langzaam.
Vaak begint het met kleine momenten die gemist worden. Iemand zoekt aandacht, maar krijgt weinig reactie. Iemand vertelt iets kwetsbaars, maar de ander gaat er niet echt op in. Iemand voelt zich verdrietig, maar wordt praktisch benaderd. Iemand wil nabijheid, maar de ander is moe, druk, afgeleid of emotioneel niet beschikbaar.
Eén gemist moment breekt geen huwelijk.
Maar honderden gemiste momenten kunnen dat wel.
Langzaam kan iemand gaan voelen:
Ik word niet meer gezien.
Ik word niet meer gehoord.
Ik moet alles alleen voelen.
Ik kan wel praten, maar het komt niet binnen.
Ik ben belangrijk voor wat ik doe, maar niet voor wie ik ben.
Soms ontstaat emotionele leegte door ruzie, kritiek of afwijzing. Maar soms ontstaat het juist doordat er nooit echte ruzie is. Alles blijft netjes. Alles blijft beheerst. Alles blijft praktisch. Alleen wordt er niets dieps meer gedeeld.
Dan lijkt de relatie rustig.
Maar in werkelijkheid wordt zij gevoelloos.
Verschil tussen emotionele afstand en emotionele leegte
Emotionele afstand betekent dat partners minder bereikbaar voor elkaar worden.
Emotionele leegte is wat er vanbinnen kan ontstaan wanneer die afstand te lang duurt.
Afstand is de beweging tussen twee mensen.
Leegte is het gevolg in de binnenwereld van iemand die zich niet meer gevoed voelt.
Bij emotionele afstand voelt iemand: wij raken elkaar kwijt.
Bij emotionele leegte voelt iemand: ik ben mezelf kwijtgeraakt in deze relatie.
Dat maakt emotionele leegte zo gevaarlijk. Het gaat niet alleen over de relatie met de ander. Het raakt ook iemands identiteit, levenslust, zelfbeeld en gevoel van bestaan.
Hoe de persoon met emotionele leegte zich voelt
Iemand die emotionele leegte ervaart, kan naar buiten toe nog goed functioneren.
Diegene werkt. Zorgt. Regelt. Lacht misschien nog. Doet wat nodig is. Is ouder, partner, werknemer, familielid en misschien voor de buitenwereld zelfs sterk.
Maar vanbinnen kan het anders voelen.
Vanbinnen kan iemand zich leeg, vlak, eenzaam, ongezien, moe of afgesloten voelen.
Niet altijd verdrietig in tranen.
Soms juist gevoelloos.
Alsof er een knop is uitgezet.
Alsof het leven doorgaat, maar de binnenkant niet meer meedoet.
Mensen kunnen dit ervaren als:

  • innerlijke eenzaamheid;
  • verlies van levensvreugde;
  • geen zin meer hebben om te delen;
  • minder behoefte aan aanraking;
  • het gevoel niet meer echt te bestaan binnen de relatie;
  • verdriet zonder duidelijke woorden;
  • schaamte omdat het “aan de buitenkant toch goed lijkt”;
  • schuldgevoel tegenover partner of kinderen;
  • verlangen naar aandacht, warmte of erkenning;
  • prikkelbaarheid;
  • vermoeidheid;
  • emotionele afsluiting;
  • fantaseren over een ander leven;
  • gevoelig worden voor aandacht van buitenaf.

Sommige mensen raken door emotionele leegte in een soort overlevingsstand. Ze doen wat moet, maar voelen steeds minder. Ze gaan door, maar niet meer vanuit verbinding. Meer vanuit plicht, gewoonte of verantwoordelijkheid.
En juist dat kan later tot een breuk leiden.
Niet omdat iemand van de ene op de andere dag niets meer voelt.
Maar omdat iemand jarenlang te weinig heeft gevoeld.
Hoe de andere partner dit ervaart
Voor de andere partner kan emotionele leegte verwarrend zijn.
Die partner ziet misschien dat de ander stiller wordt, afstand neemt, minder open is, minder nabijheid zoekt of sneller geïrriteerd reageert. Maar hij of zij begrijpt niet altijd waarom.
Soms denkt de achterblijvende partner:
Maar ik deed toch alles?
Ik werkte hard.
Ik zorgde voor het gezin.
Ik regelde de praktische zaken.
Ik was trouw.
Ik bedoelde het goed.
Ik hield van jou.
Waarom was dat niet genoeg?
Dat is de pijnlijke kern.
Bij emotionele leegte gaat het niet altijd om de vraag of iemand genoeg deed.
Het gaat vaak om de vraag of de ander zich emotioneel ontmoet voelde.
Iemand kan veel doen, maar emotioneel toch niet aansluiten.
Iemand kan alles regelen, maar niet vragen: “Hoe is het echt met jou?”
Iemand kan de ander beschermen, maar tegelijk onbedoeld kleiner maken.
Iemand kan uit liefde veel overnemen, maar daardoor juist de ander het gevoel geven dat hij of zij geen eigen stem, ruimte of betekenis meer heeft.
Voor de achterblijvende partner kan dit voelen als onrechtvaardig. Alsof alle inzet niet gezien wordt. Alsof jaren zorgen, werken, dragen en regelen ineens niets meer waard zijn.
Dat kan diepe pijn geven.
Want de achterblijvende partner verliest niet alleen de relatie, maar begrijpt vaak ook niet hoe goede bedoelingen zo verkeerd hebben kunnen uitpakken.
Wanneer liefde averechts gaat werken
Soms ontstaat emotionele leegte niet door kwade wil.
Soms ontstaat het juist doordat één partner uit liefde te veel gaat dragen.
Dat klinkt tegenstrijdig, maar het gebeurt vaker dan mensen denken.
In sommige relaties neemt één partner steeds meer verantwoordelijkheid op zich. Die regelt de administratie, de financiën, afspraken, zorg, kinderen, problemen met instanties, familiecontacten, planning, praktische zaken en emotionele brandjes.
In het begin kan dat liefdevol voelen.
De ene partner denkt:
Ik help jou.
Ik bescherm jou.
Ik neem druk bij je weg.
Ik doe dit omdat ik van je hou.
Maar de andere partner kan het op den duur anders gaan ervaren.
Niet als steun.
Maar als verlies van autonomie.
Niet als liefde.
Maar als verstikking.
Niet als bescherming.
Maar als het gevoel dat hij of zij niet meer zelfstandig functioneert binnen de relatie.
De partner die veel draagt, kan onbewust een ouderrol krijgen. De ander komt dan onbewust in een afhankelijkere, kleinere of meer passieve positie terecht. De relatie verschuift dan van gelijkwaardig partnerschap naar een systeem waarin één draagt en de ander gedragen wordt.
En dat is gevaarlijk.
Want liefde tussen partners heeft wederkerigheid nodig.
Wanneer één partner vooral redt, regelt en opvangt, en de ander vooral wordt ontzien, kan de verhouding ongelijk worden.
De dragende partner raakt uitgeput.
De andere partner kan zich kleiner, minder bekwaam, gecontroleerd of emotioneel leeg gaan voelen.
Beiden kunnen verliezen.
De één verliest zichzelf door te veel te dragen.
De ander verliest zichzelf doordat er te weinig ruimte overblijft om zelf te dragen.
Over functioneren en onder functioneren
In de systeemtherapie wordt vaak gesproken over patronen waarin de ene partner gaat over functioneren en de andere partner gaat onder functioneren.
Over functioneren betekent dat iemand te veel verantwoordelijkheid naar zich toe trekt. Die persoon regelt, denkt vooruit, voorkomt problemen, corrigeert, vangt op en neemt taken over.
Onder functioneren betekent dat de ander juist minder gaat dragen, minder initiatief neemt, afhankelijker wordt of zich terugtrekt.
Dit patroon ontstaat vaak niet expres.
Het kan zelfs beginnen als liefde.
Maar na verloop van tijd kan het vastgroeien.
De over functionerende partner denkt: “Als ik het niet doe, gaat het mis.”
De onder functionerende partner voelt: “Blijkbaar kan ik het niet zelf, of krijg ik de ruimte niet.”
Zo ontstaat een vicieuze cirkel.
Hoe meer de één overneemt, hoe minder de ander hoeft of durft.
Hoe minder de ander doet, hoe meer de één overneemt.
Uiteindelijk wordt het partnerschap scheef.
En in die scheefgroei kan emotionele leegte ontstaan.
Niet alleen bij de partner die alles draagt, maar ook bij de partner die gedragen wordt.
Want gedragen worden is niet hetzelfde als werkelijk gezien worden.
Wat professionals hierover schrijven
Relatie- en systeemtherapeuten beschrijven relatieproblemen vaak niet alleen als individuele fouten, maar als patronen tussen twee mensen. Binnen Emotionally Focused Therapy wordt gekeken naar de emotionele band tussen partners: voelen partners zich nog toegankelijk, responsief en betrokken bij elkaar? Wanneer die veilige emotionele verbinding wegvalt, kunnen partners terechtkomen in negatieve patronen van terugtrekken, najagen, verdedigen, afsluiten of vermijden.
Sue Johnson beschreef in haar werk dat onder veel relatieconflicten een diepere hechtingsvraag ligt: “Ben jij er nog voor mij?” Wanneer iemand die vraag innerlijk steeds vaker met nee beantwoordt, kan emotionele leegte ontstaan.
John Gottman en Robert Levenson onderzochten hoe relaties kunnen afglijden wanneer negatieve interacties, defensiviteit, minachting, terugtrekking en gebrek aan herstel de overhand krijgen. Vooral wanneer positieve interacties verdwijnen en partners niet meer herstellen na pijnlijke momenten, wordt de relatie kwetsbaar.
Systeemtherapeuten en gezinstherapeuten wijzen daarnaast op het belang van rollen binnen relaties. Wanneer één partner structureel de dragende, regelende of reddende rol inneemt, en de ander structureel minder ruimte of verantwoordelijkheid ervaart, ontstaat er geen volwassen wederkerigheid. Dan kan de relatie gaan lijken op zorgen voor elkaar, maar niet meer op samen leven als gelijkwaardige partners.
Professionals kijken daarom vaak niet alleen naar de vraag: “Wie deed wat fout?”
Maar naar de vraag:
Welk patroon is tussen deze mensen ontstaan?
Wie draagt te veel?
Wie trekt zich terug?
Wie voelt zich niet gezien?
Wie voelt zich niet vrij?
Wie voelt zich verantwoordelijk voor alles?
Wie voelt zich klein, afhankelijk of overbodig?
Precies daar kan de emotionele leegte zitten.


Voorbeeld 1: emotionele leegte door gemis aan echte aandacht
Een vrouw is al jaren getrouwd. Samen met haar partner heeft ze kinderen, een huis en een druk leven. Aan de buitenkant lijkt alles normaal.
Haar partner werkt hard, zorgt financieel goed voor het gezin en doet praktische dingen. Hij is niet gewelddadig. Hij gaat niet vreemd. Hij is aanwezig.
Maar wanneer zij iets vertelt over haar gevoel, reageert hij praktisch.
Als zij zegt dat ze moe is, zegt hij: “Ga dan op tijd naar bed.”
Als zij zegt dat ze zich alleen voelt, zegt hij: “Maar ik ben toch thuis?”
Als zij zegt dat ze het zwaar vindt met de kinderen, zegt hij: “Wat moet er dan geregeld worden?”
Hij bedoelt het niet verkeerd.
Maar zij voelt zich niet werkelijk gehoord.
Na jaren stopt ze met delen.
Ze praat nog over boodschappen, school, sport, rekeningen en planning. Maar niet meer over zichzelf. Niet meer over wat haar raakt. Niet meer over haar gemis.
Vanbinnen wordt ze stiller.
Dan komt er op haar werk iemand die vraagt: “Hoe gaat het echt met jou?”
Die vraag raakt haar harder dan zij verwacht.
Niet omdat die ander direct de liefde van haar leven is.
Maar omdat zij ineens voelt wat zij al jaren miste.
Aandacht.
Ruimte.
Nieuwsgierigheid.
Erkenning.
Dat moment kan alles openen wat thuis al jaren gesloten was.
Niet omdat één vraag een huwelijk breekt.
Maar omdat die vraag laat voelen hoe leeg het huwelijk vanbinnen is geworden.


Voorbeeld 2: uit liefde alles overnemen, maar de ander kwijtraken
Een man houdt veel van zijn vrouw. Hij ziet dat zij snel overprikkeld raakt, moe is, stress ervaart en moeite heeft om alles te overzien. Uit liefde neemt hij steeds meer over.
Hij regelt de financiën.
Hij doet de administratie.
Hij maakt afspraken met instanties.
Hij vangt de kinderen op.
Hij lost problemen op met school.
Hij denkt vooruit.
Hij voorkomt conflicten.
Hij regelt het huishouden als het vastloopt.
Hij probeert haar te ontlasten.
In zijn beleving zegt hij met zijn gedrag:
Ik hou van jou.
Ik zorg voor jou.
Ik wil jou beschermen.
Je hoeft het niet alleen te doen.
Maar bij haar gebeurt langzaam iets anders.
Eerst voelt het veilig. Daarna gemakkelijk. Daarna benauwend. En uiteindelijk voelt zij zich steeds minder partner.
Zij voelt zich afhankelijk.
Zij voelt zich klein.
Zij voelt zich alsof hij alles beter weet.
Zij voelt zich alsof haar eigen kracht niet meer nodig is.
Zij voelt zich geen volwassen vrouw naast hem, maar iemand die wordt gedragen, gestuurd of ontzien.
Hij merkt dat niet. Hij denkt dat hij liefde geeft.
Zij voelt steeds minder verlangen.
Niet omdat hij niets doet.
Maar omdat hij zo veel doet dat zij zichzelf niet meer voelt.
Hij wordt de regelaar.
Zij wordt degene voor wie geregeld wordt.
Hij wordt de drager.
Zij wordt degene die gedragen wordt.
Langzaam verdwijnt de gelijkwaardigheid. En met het verdwijnen van gelijkwaardigheid verdwijnt ook de aantrekkingskracht, de openheid en het gevoel van partnerschap.
Op een dag zegt zij:
“Ik weet niet meer wie ik ben in deze relatie.”
Voor hem voelt dat onbegrijpelijk.
Hij denkt: “Maar ik heb alles voor je gedaan.”
Voor haar voelt het als waarheid.
Zij denkt: “Ja, en daardoor ben ik mezelf kwijtgeraakt.”
Dit is één van de pijnlijkste vormen van relatiebreuk.
Omdat niemand per se begon met slechte bedoelingen.
Maar liefde zonder grenzen kan veranderen in verstikking.
Zorg zonder wederkerigheid kan veranderen in ongelijkheid.
Beschermen kan veranderen in ontnemen.
En alles dragen kan ertoe leiden dat de ander niet meer voelt dat hij of zij zelf nog leeft.
Hoe dit tot een scheiding kan leiden
Emotionele leegte leidt niet altijd tot scheiding.
Soms wordt het op tijd gezien. Dan kunnen partners opnieuw leren praten, luisteren, voelen, begrenzen en verantwoordelijkheid eerlijker verdelen.
Maar wanneer emotionele leegte te lang blijft bestaan, kan iemand innerlijk vertrekken.
Eerst stopt iemand met hopen.
Daarna stopt iemand met delen.
Daarna stopt iemand met verlangen.
Daarna stopt iemand met vechten.
En uiteindelijk stopt iemand met blijven.
Voor de achterblijvende partner kan de scheiding dan plotseling lijken.
Maar voor de partner die leegte ervoer, was de breuk vanbinnen misschien al jaren bezig.
Dat maakt deze vorm van scheiding zo ingewikkeld.
De één zegt:
“Je geeft zomaar op.”
De ander zegt:
“Ik ben al jaren op.”
De één zegt:
“Ik deed alles voor jou.”
De ander zegt:
“Maar ik voelde mezelf niet meer naast jou.”
De één voelt zich verlaten.
De ander voelt zich eindelijk uit een innerlijke leegte stappen.
Beide ervaringen kunnen tegelijk echt zijn.
En juist daarom is emotionele leegte zo moeilijk.
Het is niet altijd zichtbaar.
Niet altijd bewijsbaar.
Niet altijd logisch uit te leggen.
Maar voor degene die het ervaart, kan het allesbepalend worden.
Wat kinderen hiervan kunnen merken
Als er kinderen zijn, voelen zij vaak meer dan ouders denken.
Kinderen merken wanneer ouders alleen nog praktisch samenwerken. Ze voelen wanneer er weinig warmte is. Ze zien wanneer ouders elkaar nauwelijks aanraken. Ze horen korte antwoorden. Ze merken spanning, stilte, irritatie of emotionele afwezigheid.
Ook als ouders niet schreeuwen, kan een kind voelen dat de verbinding in huis weg is.
Kinderen leren niet alleen van wat ouders zeggen over liefde.
Ze leren vooral van wat ze dagelijks zien.
Wanneer een kind opgroeit in een huis waar ouders naast elkaar leven zonder echte verbinding, kan het kind liefde gaan koppelen aan stilte, aanpassen, afstand, zorgen voor de sfeer of het vermijden van spanning.
Daarom moet bij emotionele leegte niet alleen gekeken worden naar de partners.
Er moet ook gekeken worden naar wat kinderen jarenlang hebben gevoeld, gezien en geleerd.
Kinderen vóór de breuk: wanneer de leegte nog in huis hangt
Vóór de breuk is er vaak nog geen officiële scheiding. Er is nog één huis. Eén gezin. Eén tafel. Eén voordeur.
Maar emotioneel kan het gezin al veranderd zijn.
Kinderen voelen dat vaak eerder dan volwassenen denken. Zij merken dat ouders minder lachen. Minder ontspannen zijn. Minder zacht reageren. Minder samen optrekken. Minder liefdevol spreken. Soms is er geen harde ruzie, maar wel kou. Geen geschreeuw, maar stilte. Geen open conflict, maar spanning in de lucht.
Voor een kind kan dat verwarrend zijn.
Want als niemand uitlegt wat er speelt, gaat een kind zelf betekenis geven aan de sfeer.
Jonge kinderen kunnen denken dat het door hen komt.
Kinderen in de basisschoolleeftijd kunnen proberen de sfeer te verbeteren.
Tieners kunnen gaan observeren, oordelen of zich emotioneel terugtrekken.
De breuk is dan nog niet uitgesproken, maar het kind leeft al in de voorfase van verlies.
Kinderen tijdens de breuk: wanneer de wereld zichtbaar verandert
Tijdens de breuk wordt wat eerst voelbaar was ineens werkelijkheid.
Ouders zeggen dat ze uit elkaar gaan. Er komen gesprekken. Misschien spanningen. Misschien advocaten. Misschien verhuizingen. Misschien een ouderschapsplan. Misschien nieuwe partners. Misschien tranen, boosheid, stilte of verwijten.
Voor kinderen is dit geen juridische fase.
Voor kinderen is dit de fase waarin hun wereld verandert.
Waar slaap ik?
Wanneer zie ik papa?
Wanneer zie ik mama?
Is het mijn schuld?
Komt het ooit goed?
Moet ik kiezen?
Mag ik nog van allebei houden?
Tijdens de breuk hebben kinderen vooral behoefte aan rust, duidelijkheid, herhaling en emotionele toestemming om van beide ouders te houden. Als ouders zelf overspoeld zijn, vergeten zij soms dat kinderen niet alleen informatie nodig hebben, maar ook geruststelling.
Een kind moet niet alleen horen wat er verandert.
Een kind moet voelen dat het niet verantwoordelijk is voor wat er verandert.
Kinderen na de breuk: wanneer het nieuwe leven moet landen
Na de breuk lijkt het voor volwassenen soms alsof de grootste storm voorbij is. De scheiding is uitgesproken. De woning is verdeeld. Er is een rooster. De spullen zijn verhuisd. De afspraken staan op papier.
Maar voor kinderen begint dan vaak pas het echte aanpassen.
Zij moeten wennen aan twee huizen. Twee ritmes. Twee bedden. Twee manieren van opvoeden. Twee sferen. Misschien nieuwe partners. Misschien nieuwe regels. Misschien ouders die elkaar nog steeds moeilijk kunnen verdragen.
Na de breuk kan een kind alsnog spanning laten zien.
Niet omdat het kind dwars is.
Maar omdat het kind moet leren leven in een werkelijkheid waar het niet zelf voor gekozen heeft.
Sommige kinderen passen zich snel aan. Andere kinderen laten pas maanden later signalen zien. Soms komt verdriet niet op het moment van de scheiding zelf, maar later: bij verjaardagen, vakanties, feestdagen, schoolmomenten, Vaderdag, Moederdag, sportdagen of wanneer zij merken dat het oude gezin echt niet meer terugkomt.

Jonge kinderen: ongeveer 0 tot 6 jaar
Vóór de breuk
Jonge kinderen begrijpen emotionele leegte niet met woorden. Zij voelen vooral sfeer.
Ze merken dat ouders minder ontspannen zijn. Ze voelen spanning in stemmen, gezichten, aanraking en ritme. Ze kunnen reageren op veranderingen in beschikbaarheid: een ouder die sneller geïrriteerd is, minder lacht, minder speelt of emotioneel afwezig is.
Een jong kind kan vóór de breuk signalen laten zien zoals:

  • meer huilen;
  • slechter slapen;
  • angstig of aanhankelijk gedrag;
  • driftbuien;
  • terugval in zindelijkheid;
  • buikpijn;
  • niet alleen willen zijn;
  • meer behoefte aan nabijheid;
  • moeite met afscheid nemen.

Een jong kind denkt vaak nog niet logisch over oorzaak en gevolg. Daardoor kan het spanning sneller op zichzelf betrekken.
Het kind voelt: er is iets mis.
Maar begrijpt niet: dit is tussen papa en mama.


Tijdens de breuk
Tijdens de breuk kan een jong kind vooral ontregeling ervaren.
Het kind begrijpt niet goed waarom één ouder ergens anders gaat wonen. Het begrijpt niet waarom het ineens moet wisselen tussen huizen. Het begrijpt niet waarom spullen worden ingepakt of waarom ouders verdrietig zijn.
Het kan denken:
Ben ik stout geweest?
Gaat papa ook bij mij weg?
Komt mama nog terug?
Waar hoor ik nu?
In deze leeftijdsfase zijn voorspelbaarheid, vaste rituelen en eenvoudige uitleg belangrijk. Een jong kind heeft geen lange analyse nodig. Het heeft herhaling nodig:
Papa en mama wonen niet meer samen.
Dat komt niet door jou.
Wij blijven allebei van jou houden.
Jij hoeft dit niet op te lossen.


Na de breuk
Na de breuk kunnen jonge kinderen alsnog reageren via gedrag. Ze kunnen moeite hebben met wisselmomenten, slechter slapen of weer kinderlijker gedrag laten zien.
Soms zijn zij bij de ene ouder rustig en bij de andere ouder ontregeld. Dat betekent niet automatisch dat één ouder fout is. Een kind kan zich juist ontladen waar het zich veilig voelt.
Mogelijke signalen na de breuk:

  • huilen bij overdracht;
  • boosheid na terugkomst;
  • nachtmerries;
  • bedplassen;
  • claimend gedrag;
  • moeite met eten of slapen;
  • angst dat een ouder verdwijnt;
  • meer behoefte aan controle.


Later in het leven

Wanneer jonge kinderen langdurig spanning, leegte of emotionele afstand tussen ouders hebben gevoeld, kan dat later invloed hebben op hun basisgevoel van veiligheid.
Niet altijd. Veel hangt af van steun, stabiliteit en hoe ouders na de breuk handelen.
Maar mogelijke latere gevolgen kunnen zijn:

  • sneller bang zijn voor verlating;
  • moeite met vertrouwen;
  • sterk aanpassen aan sfeer;
  • gevoelig zijn voor spanning;
  • conflict vermijden;
  • veel bevestiging zoeken;
  • moeite hebben met emotionele veiligheid in relaties.

Een jong kind vergeet misschien de details.
Maar het lichaam kan de sfeer onthouden.


Kinderen in de basisschoolleeftijd: ongeveer 6 tot 12 jaar
Vóór de breuk
Kinderen in de basisschoolleeftijd begrijpen meer. Zij merken dat er iets niet klopt, maar hebben nog niet de volwassen draagkracht om het goed te plaatsen.
Zij kunnen zien dat ouders weinig contact hebben, dat gesprekken kort zijn of dat één ouder verdrietig, boos of afwezig is. Ze kunnen vragen gaan stellen, of juist niets vragen omdat ze voelen dat het onderwerp beladen is.
Deze kinderen kunnen vóór de breuk gaan proberen de sfeer te herstellen.
Ze worden extra lief.
Ze maken grapjes.
Ze letten op gezichten.
Ze proberen ruzie te voorkomen.
Ze gaan helpen.
Ze zorgen dat ze geen last zijn.
Mogelijke signalen:

  • buikpijn of hoofdpijn;
  • slechtere concentratie;
  • pleasen;
  • druk gedrag;
  • terugtrekken;
  • snel boos worden;
  • vragen stellen over liefde, wonen of weggaan;
  • zorgen maken over één ouder;
  • schuldgevoel;
  • moeite op school.

Het gevaar is dat een kind in deze leeftijd denkt: als ik mij goed gedraag, blijft alles misschien bij elkaar.


Tijdens de breuk
Tijdens de breuk komt voor deze kinderen vaak veel binnen.
Zij begrijpen dat ouders uit elkaar gaan, maar kunnen nog niet alle volwassen redenen dragen. Ze kunnen boos worden op één ouder, medelijden krijgen met de ander, of zich verscheurd voelen tussen beiden.
Vragen die kunnen spelen:
Waar ga ik wonen?
Waarom lukt het jullie niet?
Heeft iemand iets fout gedaan?
Moet ik kiezen?
Mag ik zeggen dat ik papa mis bij mama?
Mag ik zeggen dat ik mama mis bij papa?
Wat gebeurt er met mijn kamer?
Wat gebeurt er met verjaardagen?
Deze kinderen lopen risico op loyaliteitsconflict. Ze willen van beide ouders houden, maar voelen soms dat dat niet vrij kan.


Na de breuk
Na de breuk moeten kinderen in deze leeftijd vaak praktisch én emotioneel schakelen.
Ze moeten wennen aan roosters, overdrachten, spullen meenemen, twee huizen, andere regels en mogelijk nieuwe partners.
Sommige kinderen worden heel aangepast. Ze lijken makkelijk. Ze doen wat gevraagd wordt. Ze zeggen dat het goed gaat.
Maar aangepast gedrag is niet altijd hetzelfde als verwerking.
Mogelijke signalen na de breuk:

  • schoolproblemen;
  • boosheid;
  • verdriet op onverwachte momenten;
  • veel controle willen;
  • vragen blijven stellen;
  • lichamelijke klachten;
  • niet willen wisselen;
  • zorgen voor een ouder;
  • stil worden;
  • clownesk gedrag om spanning te breken;
  • moeite met slapen.


Later in het leven
Kinderen die op deze leeftijd langdurig emotionele leegte en scheiding meemaken, kunnen later gevoelig worden voor relationele onzekerheid.
Mogelijke latere gevolgen kunnen zijn:

  • sterk verantwoordelijkheidsgevoel voor anderen;
  • pleasen;
  • moeite met grenzen;
  • angst om mensen teleur te stellen;
  • conflict vermijden;
  • wantrouwen tegenover liefde;
  • overmatig zorgen in relaties;
  • moeite met kiezen voor eigen behoeften;
  • het gevoel dat liefde altijd spanning betekent.

Als ouders na de breuk goed samenwerken, het kind niet belasten en emotioneel beschikbaar blijven, kunnen veel kinderen zich goed herstellen. Maar als strijd, afstand of loyaliteitsdruk blijft bestaan, kan het kind die patronen meenemen.


Tieners: ongeveer 12 tot 18 jaar
Vóór de breuk
Tieners voelen niet alleen spanning; zij begrijpen ook meer van relationele afstand.
Zij zien vaak scherp wanneer ouders toneel spelen. Ze merken wanneer er geen echte liefde meer zichtbaar is. Ze voelen wanneer ouders elkaar ontwijken, afsnauwen of alleen nog praktisch samenwerken.
Een tiener kan daarop verschillend reageren.
Sommige tieners trekken zich terug.
Sommige worden boos.
Sommige kiezen partij.
Sommige worden juist heel zelfstandig.
Sommige gaan emotioneel voor een ouder zorgen.
Mogelijke signalen vóór de breuk:

  • veel op de kamer zitten;
  • cynisme over relaties;
  • prikkelbaarheid;
  • schoolmotivatie verliezen;
  • somberheid;
  • fel reageren op één ouder;
  • zich verantwoordelijk voelen voor broertjes of zusjes;
  • emotioneel afstand nemen;
  • vluchtgedrag via vrienden, telefoon, gamen of middelen;
  • wantrouwen richting ouders.

Tieners kunnen denken: zeg gewoon eerlijk wat er is.
Wanneer ouders blijven doen alsof alles normaal is, kan een tiener het vertrouwen in woorden verliezen.


Tijdens de breuk
Tijdens de breuk kunnen tieners hard geraakt worden door waarheid, timing en loyaliteit.
Zij willen vaak serieus genomen worden, maar mogen niet belast worden met volwassen details. Dat is een dunne lijn.
Een tiener mag uitleg krijgen.
Maar een tiener moet geen rechter, therapeut, boodschapper of bondgenoot van één ouder worden.
Tijdens de breuk kunnen tieners vragen of gedachten hebben zoals:
Waarom hebben jullie zo lang gedaan alsof?
Wie spreekt de waarheid?
Was ons gezin dan nep?
Moet ik partij kiezen?
Wat betekent dit voor mijn toekomst?
Kan ik nog geloven in relaties?
Tieners kunnen boos worden, afstand nemen of juist heel beschermend worden richting één ouder.


Na de breuk
Na de breuk kunnen tieners moeite hebben met nieuwe partners, nieuwe regels en wisselingen tussen huizen. Zij kunnen zich verzetten tegen roosters, omdat zij meer autonomie willen. Ze kunnen zeggen dat ze zelf wel bepalen waar ze slapen of bij wie ze zijn.
Dat hoeft geen disrespect te zijn.
Het kan ook een poging zijn om controle terug te krijgen in een leven waarin veel voor hen is besloten.
Mogelijke signalen na de breuk:

  • niet willen wisselen;
  • ruzie met één of beide ouders;
  • schoolproblemen;
  • somberheid;
  • risicogedrag;
  • emotionele afsluiting;
  • wantrouwen;
  • over bescherming van jongere kinderen;
  • sterke afwijzing van een nieuwe partner;
  • conflicten over loyaliteit;
  • zoeken naar veiligheid buiten het gezin.


Later in het leven
Tieners onthouden vaak meer van de relationele dynamiek. Niet alleen dat ouders zijn gescheiden, maar ook hoe zij met elkaar omgingen.
Als zij langdurig emotionele leegte, afstand of oneerlijkheid hebben gezien, kan dat later invloed hebben op hun eigen relatiebeeld.
Mogelijke latere gevolgen kunnen zijn:

  • moeite met vertrouwen;
  • angst voor afhankelijkheid;
  • sneller afstand nemen bij spanning;
  • sterke behoefte aan controle;
  • bindingsangst;
  • verlatingsangst;
  • cynisme over huwelijk of liefde;
  • moeite met kwetsbaarheid;
  • herhalen van ouderlijke patronen;
  • juist extreem willen voorkomen dat hun eigen relatie zo wordt.


Een tiener kan later denken:
Ik wil nooit zo’n relatie.
Of juist:
Dit is blijkbaar normaal in liefde.
Daarom is het belangrijk dat ouders niet alleen praktisch scheiden, maar ook emotioneel verantwoordelijkheid nemen voor wat kinderen hebben gezien.
Jongvolwassen kinderen: ongeveer 18 jaar en ouder


Vóór de breuk
Jongvolwassen kinderen lijken soms buiten de scheiding te staan, omdat zij ouder zijn. Maar ook zij kunnen geraakt worden door emotionele leegte in het ouderlijk gezin.
Zij kijken vaak met meer volwassen ogen naar hun ouders. Ze kunnen patronen herkennen die zij vroeger niet begrepen. Soms vallen puzzelstukken ineens op hun plek.
Vóór de breuk kunnen zij denken:
Ik voelde al jaren dat er iets niet klopte.
Waarom bleven jullie zo lang?
Was mijn jeugd anders dan ik dacht?
Heb ik dingen gemist?


Tijdens de breuk
Tijdens de breuk lopen jongvolwassen kinderen het risico dat ouders hen als volwassen gesprekspartner gaan gebruiken.
Dat lijkt logisch, maar kan belastend zijn.
Een volwassen kind is nog steeds kind van beide ouders.
Het moet niet de emotionele opvang worden van vader of moeder. Het moet niet alle details van affaires, geld, verwijten of seksuele afstand hoeven horen. Het moet niet de bemiddelaar worden.
Ook volwassen kinderen kunnen loyaliteitsdruk ervaren.
Alleen laten zij dit vaak minder zichtbaar zien.


Na de breuk
Na de breuk kunnen jongvolwassen kinderen praktisch betrokken raken. Zij helpen met verhuizen, luisteren naar ouders, bemiddelen tussen familieleden of worden betrokken bij financiële of juridische spanning.
Soms lijkt dat volwassen.
Maar het kan ook parentificatie worden: het kind gaat dragen wat eigenlijk van de ouder is.
Mogelijke gevolgen na de breuk:

  • afstand nemen van één ouder;
  • boosheid;
  • verwarring over jeugdherinneringen;
  • zorgen voor een ouder;
  • moeite met familiefeesten;
  • spanningen rond nieuwe partners;
  • verlies van thuisgevoel;
  • twijfel over eigen relaties;
  • overbelasting door emotionele gesprekken met ouders.


Later in het leven
Ook als kinderen volwassen zijn wanneer ouders scheiden, kan dit later doorwerken.
Zij kunnen anders gaan kijken naar hun eigen relatie, huwelijk, ouderschap en jeugd. Sommige jongvolwassenen worden voorzichtiger in liefde. Anderen gaan juist hard zoeken naar zekerheid.
Mogelijke latere gevolgen:

  • moeite met vertrouwen in langdurige relaties;
  • herbeoordeling van het ouderlijk gezin;
  • verdriet om wat nooit besproken is;
  • boosheid over verborgen leegte;
  • angst om dezelfde patronen te herhalen;
  • meer behoefte aan open communicatie;
  • afstand tot familie;
  • of juist sterkere behoefte om eigen gezin anders te doen.

Een ouderlijke scheiding op volwassen leeftijd is dus niet automatisch “minder erg”.
Het raakt anders.
Maar het kan alsnog diep raken.
Wat bepaalt hoe zwaar kinderen geraakt worden?
Niet ieder kind raakt op dezelfde manier beschadigd door een scheiding.
De scheiding zelf is ingrijpend, maar de manier waarop ouders ermee omgaan is vaak doorslaggevend.


Kinderen worden zwaarder belast wanneer:

  • ouders veel strijd hebben;
  • ouders elkaar zwartmaken;
  • kinderen informatie moeten doorgeven;
  • kinderen partij moeten kiezen;
  • nieuwe partners te snel of te dwingend worden ingebracht;
  • emoties van ouders bij het kind terechtkomen;
  • afspraken onduidelijk zijn;
  • ouders niet samenwerken;
  • kinderen niet serieus worden genomen;
  • signalen van kinderen worden genegeerd;
  • er financiële of woononzekerheid blijft;
  • ouders doen alsof alles goed gaat terwijl kinderen voelen dat dit niet zo is.


Kinderen worden beter beschermd wanneer:

  • ouders eerlijk maar leeftijdspassend uitleggen wat er gebeurt;
  • kinderen horen dat de scheiding niet hun schuld is;
  • kinderen van beide ouders mogen houden;
  • routines zoveel mogelijk voorspelbaar blijven;
  • ouders hun volwassen pijn niet bij het kind neerleggen;
  • ouders signalen serieus nemen;
  • er geen strijd wordt gevoerd via het kind;
  • beide ouders emotioneel beschikbaar blijven;
  • school of hulpverlening wordt betrokken wanneer nodig;
  • kinderen ruimte krijgen om verdriet, boosheid en gemis te uiten.


Kinderen hebben geen perfecte ouders nodig.
Ze hebben ouders nodig die verantwoordelijkheid nemen.


Kan emotionele leegte hersteld worden?
Ja dat kan zeker, maar niet altijd gegarandeerd, maar alleen als beide partners bereid zijn eerlijk te kijken.
Niet alleen naar wat de ander fout deed.
Maar ook naar het patroon dat samen is ontstaan.
De partner die leegte ervaart, zal moeten leren woorden te geven aan wat er vanbinnen gebeurde. Niet alleen zeggen: “Ik voel niets meer”, maar uitleggen wat jarenlang gemist is.
De partner die achterblijft, zal moeten leren luisteren zonder direct te verdedigen. Niet alleen zeggen: “Maar ik deed alles voor jou”, maar ook durven vragen: “Heb ik jou misschien geholpen op een manier waardoor jij jezelf kwijtraakte?”
Herstel vraagt onder andere:

  • open communicatie;
  • erkenning van gemis;
  • stoppen met vermijden;
  • opnieuw nieuwsgierig worden naar elkaar;
  • eerlijk kijken naar ongelijkheid;
  • taken en verantwoordelijkheid opnieuw verdelen;
  • grenzen leren stellen;
  • niet alles voor de ander invullen;
  • ruimte geven aan autonomie;
  • herstellen van intimiteit;
  • professionele begeleiding wanneer het patroon vastzit.


Partnerherstel betekent dan niet terug naar vroeger.
Want vroeger was juist waar het misging.
Partnerherstel betekent opnieuw leren samenleven op een manier waarin beide partners zichzelf kunnen blijven én elkaar weer werkelijk ontmoeten.
Kort samengevat
Emotionele leegte is een diepe reden waarom een huwelijk kan vastlopen. Het ontstaat wanneer iemand zich langdurig niet gezien, gehoord, gevoed of werkelijk ontmoet voelt binnen de relatie.
Soms komt dit door afstand, gebrek aan communicatie of verlies van intimiteit. Soms ook doordat één partner uit liefde te veel draagt, regelt en overneemt, waardoor de relatie ongelijk wordt en de ander zich kleiner, afhankelijker of minder zichzelf gaat voelen.
De partner die vertrekt, kan zich leeg, verloren en innerlijk alleen hebben gevoeld.
De partner die achterblijft, kan zich onbegrepen, miskend en verraden voelen, juist omdat hij of zij vaak veel heeft gedaan.
Maar veel doen is niet altijd hetzelfde als emotioneel verbinden.
En zorgen voor iemand is niet altijd hetzelfde als iemand werkelijk ontmoeten.
Voor kinderen kan emotionele leegte tussen ouders verwarrend zijn. Zij voelen de spanning vaak vóór de breuk, worden geraakt tijdens de breuk, moeten zich aanpassen na de breuk en kunnen in hun latere leven iets meenemen van wat zij thuis hebben gezien of gemist.
Daarom is emotionele leegte zo belangrijk om serieus te nemen.
Niet pas wanneer de scheiding wordt uitgesproken.
Maar veel eerder.
Wanneer de relatie nog bestaat, maar één van beiden vanbinnen al langzaam verdwijnt.


Bronnen en achtergrond
Dit artikel is geschreven vanuit praktijkervaring, persoonlijke ervaring en mijn achtergrond als Verzorgende IG en Maatschappelijk Werker. Daarnaast sluit de inhoud aan bij inzichten uit relatietherapie, systeemtherapie, hechtingstheorie en onderzoek naar relatiepatronen, scheiding en kinderen.
Belangrijke namen en invalshoeken die aansluiten bij dit onderwerp zijn onder andere:

  • Sue Johnson en Les Greenberg — Emotionally Focused Therapy, hechtingsgerichte relatietherapie en emotionele beschikbaarheid binnen partnerrelaties;
  • John Gottman en Robert Levenson — onderzoek naar relatiepatronen, terugtrekking, defensiviteit, minachting, gebrek aan herstel en relatiebreuk;
  • Murray Bowen en de systeemtherapeutische benadering — patronen van overfunctioneren en onderfunctioneren binnen relaties en gezinnen;
  • E. Mark Cummings en Patrick Davies — onderzoek naar ouderlijke spanning, interparentaal conflict en emotionele veiligheid van kinderen;
  • Robert Emery — onderzoek naar scheiding, ouderschap en aanpassing van kinderen na een relatiebreuk;
  • algemene ontwikkelingspsychologische inzichten over hoe kinderen per leeftijdsfase spanning, verlies, scheiding en loyaliteitsdruk kunnen verwerken.

De informatie op deze website is bedoeld als algemene uitleg, herkenning en inzicht. Het vervangt geen persoonlijk advies van een arts, psycholoog, relatietherapeut, mediator, advocaat of andere bevoegde professional.